beautypg.com

Freestyle 5™ nl – AirSep MN167-1 User Manual

Page 319

background image

FreeStyle 5™

NL

AirSep

®

Corporation

NL-29

MN167-1 rev. – 02/13

over op een andere zuurstofbron. Zodra de FreeStyle 5 op een

DC-stopcontact of een AC-stopcontact is aangesloten, werkt het apparaat

weer en wordt de batterij van de FreeStyle 5 tegelijkertijd opgeladen.

De batterijspanning wordt aangegeven door de batterijmeter/lampje(s).

Canule niet aangesloten

Wanneer de FreeStyle 5 is ingeschakeld, maar gedurende 15 minuten

geen ademhaling waarneemt, geeft het apparaat een aanhoudend

geluidssignaal en gaat het gele alarmlampje branden. Als dit gebeurt,

controleer dan de aansluiting van de canule op het FreeStyle 5-apparaat,

ga na of de neuscanule goed op uw gezicht is geplaatst en let erop dat

u door uw neus ademhaalt. (Eventueel adviseert uw arts het gebruik van

een kinband.) Als het geluidssignaal desondanks aanhoudt, schakel dan

indien mogelijk over op een andere zuurstofbron en neem contact op met

de leverancier van het apparaat.

Capaciteit van de FreeStyle is overschreden

Als uw ademhalingssnelheid sneller is dan de capaciteit van de FreeStyle

5 toelaat, klinkt er elke halve seconde een kort geluidssignaal en knippert

het gele alarmlampje. Als dit zich voordoet, ligt uw ademhalingssnelheid

hoger dan de specificaties van de FreeStyle 5 toelaten. Verminder uw

lichamelijke activiteiten, reset het geluidssignaal door het apparaat uit en

weer in te schakelen, stap zo nodig over op een andere zuurstofbron als

deze beschikbaar is en neem contact op met de leverancier van

uw apparaat.

Algemene storing

Als er in de FreeStyle 5 een algemene storing optreedt, klinkt er elke

halve seconde een kort geluidssignaal en brandt het rode alarmlampje

continu. Als dit zich voordoet, is de concentratie van de door de FreeStyle

5 geleverde zuurstof lager dan de specificaties van het apparaat toestaan.

Schakel indien mogelijk over op een andere zuurstofbron en neem

contact op met de leverancier van uw apparaat.

Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik als

levensondersteuning. Bij geriatrische, pediatrische en andere

patiënten die tijdens het gebruik van dit apparaat niet in staat

zijn om het aan te geven als ze ongemak ervaren, kan extra

toezicht noodzakelijk zijn. Patiënten bij wie het gehoor en/of

het gezichtsvermogen is aangetast, kunnen hulp nodig hebben

bij het reageren op een alarmmelding van het apparaat.