Ruisomvormingsfilter – Sony DTC-ZE700 User Manual
Page 47
![background image](/manuals/434499/47/background.png)
23
NL
Overige informatie
Aanpassing aan de gevoeligheid van het
menselijk gehoor
Bij het weer samenvoegen van de signaalinformatie
volgt de SBM funktie de principes van het menselijk
gehoor. Meestal wordt het bereik van het menselijk
gehoor beschouwd als liggend tussen de 20 Hz en 20
kHz; het meest gevoelig is het gehoor echter tussen de
3 kHz en 4 kHz, en onder en boven dit bereik is het oor
minder gevoelig.
Dit geldt voor alle geluid en dus evenzeer voor de
kwantificeringsruis. Door de ruis binnen dit specifieke
bereik te onderdrukken, kunnen geluidssignalen
zodanig worden opgenomen dat er een rijker,
dynamischer geluidsweergave mogelijk is dan bij
ruisonderdrukking die in gelijke mate wordt toegepast
over het gehele bereik van het menselijke gehoor.
Ruisomvormingsfilter
De SBM funktie maakt gebruik van een
ruisomvormingsfilter (zie afb. A) met een
frekwentierespons overeenkomend met die van het
menselijk gehoor, voor het onderdrukken van
kwantificeringsruis binnen het kritieke
frekwentiebereik en voor het terugvoeren van de
kwantificeringsfout (die gewoonlijk verloren gaat) naar
het ingangssignaal, waarbij de bit-informatie aan het
lage uiteinde weer met de bit-informatie aan het hoge
uiteinde wordt samengevoegd.
16-bit SBM output
Afbeelding B toont de verbetering in het ruisnivo van
de kwantificering, wanneer de SBM funktie is
ingeschakeld (theoretische waarden). Bij een ruisnivo
van 0 dB met de SBM schakelaar op “OFF” bedraagt de
verbetering in het ruisnivo voor de
bemonsteringsfrekwenties onder de 3 kHz meer dan 10
dB wanneer de SBM funktie wordt ingeschakeld.
-10
-5
0
5
10
15
20
25
20
100
50
200
1k
500
2k
15k
5k
10k
Afb. B
SBM
UIT
SBM
AAN
Ruis-
nivo
(dB)
Bemonsteringsfrekwentie (Hz)
De SBM funktie is alleen werkzaam tijdens opname. De
verbetering in geluidskwaliteit die de SBM funktie
bewerkstelligt is ook tijdens weergave duidelijk
hoorbaar ongeacht de stand van de SBM schakelaar en
het DAT deck dat wordt gebruikt.
v
Opname
DAT cassettedeck of
minidisc-recorder
Compact disc speler
Minidisc-speler
v
DAT cassette of
minidisc
Weergave
DAT cassettedeck of
minidisc-recorder
Analoge (conventionele)
uitgangsaansluitingen
Audio-
aansluitsnoer
Analoge (conventionele)
ingangsaansluitingen
Optische kabel
of coaxiale
digitale
aansluitkabel
Digitale ingangsaansluiting
Digitale uitgangsaansluiting
Weergave
Optische kabel of
coaxiale digitale
aansluitkabel
Digitale
uitgangsaansluiting
Digitale
ingangsaansluiting
Eerste generatie
DAT cassette of
minidisc
opgenomen via
de digitale
ingang/uitgang
DAT cassettedeck of
minidisc-recorder
Opname
DAT cassettedeck
Ruisom-
vormingsfilter
/
/
24-bit informatie
Afb. A
Overzicht van het één-
generatie kopieersysteem
(Serial Copy Management
System)
Dit digitale audio-cassettedeck werkt volgens het zgn.
“Serial Copy Management System” (SCMS). Dit één-
generatie kopieersysteem zorgt dat via de digitale
ingangsaansluitingen van het DAT slechts een eerste
digitale kopie van voorbespeelde cassettes e.d.
mogelijk is. Het onderstaande schema toont de
mogelijkheden en beperkingen van dit systeem:
1
Opnemen van een digitale geluidsbron (compact discs,
voorbespeelde minidiscs of DAT cassettes) op een DAT
cassette of een minidisc is mogelijk via de digitale
ingangsaansluitingen van het DAT deck of de minidisc-
recorder. U kunt echter deze zelf digitaal opgenomen DAT
cassette of minidisc NIET kopiëren op een andere DAT
cassette of minidisc via de digitale ingangsaansluitingen
van het DAT deck of de minidisc-recorder.
16-bit SBM
uitgangs-
signaal