Enerpac SQD-Series User Manual
Page 94
WAARSCHUWING: Zie figuur
op pagina
94 voor de juiste aansluiting van slangen
tussen momentsleutel en pomp.
5.0 DE MOMENTSLEUTEL OP DE POMP
AANSLUITEN
Enerpac-momentsleutels kunnen aangedreven
worden door verschillende elektrische en
persluchtaangedreven momentsleutelpompen.
Raadpleeg voor meer informatie de
gebruikershandleiding van de Enerpac-pomp.
BELANGRIJK: Het is absoluut
noodzakelijk dat de
bedieningsman deze instructies,
veiligheidsmaatregelen, waarschuwingen en
opmerkingen goed begrepen heeft, voor hij
deze krachtige apparatuur gaat bedienen. Om
zeker te zijn van de juiste bediening van pomp
en sleutel, wordt het gebruik van een Enerpac-
momentsleutelpomp aanbevolen. Als u twijfelt
aan de juiste bediening, kunt u contact
opnemen met Enerpac.
BELANGRIJK: De bedieningsman moet 18
jaar of ouder zijn. De bedieningsman is
verantwoordelijk voor zijn handelingen ten
aanzien van andere personen.
LET OP: In het geval van een stroomstoring of
een defect aan de pomp moet u de motor
uitschakelen en de momentsleutel loskoppelen
van de pomp.
GEVAARLIJK:
Gebruik nooit
elektrisch aangedreven pompen in
gevaarlijke ruimten waar
explosievrije apparatuur vereist is.
Persluchtaangedreven pompen van Enerpac
kunnen hier wel gebruikt worden.
5.1 De hieronder beschreven procedure
moet gevolgd worden:
1.
tijdens de eerste opstart of bediening;
2.
wanneer u van momentsleutel verwisselt
op dezelfde pomp;
3.
wanneer verschillende aanhaalmomenten
nodig zijn terwijl u dezelfde pomp
gebruikt, bijvoorbeeld als u verschillende
inbusaandrijvingen gebruikt op dezelfde
momentsleutel (zie tabel
en
op
pagina 100 t/m 101).
5.2 Pompvereisten
De toevoerdruk (P of A) van de pomp naar de
momentsleutel moet begrensd zijn op
maximaal 800 bar (11,600 psi). De
overdrukklep aan de retourzijde (B of T) van de
pomp moet ingesteld zijn op maximaal 120 bar
(1,740 psi).
BELANGRIJK: Maximale olieopbrengst naar
de momentsleutel:
12 l/min @ 140 bar (732 in
3
/min @ 2030 psi) en
2 l/min @ 800 bar (122 in
3
/min @ 11600 psi)
VOORZICHTIG: Zie figuur
. Zorg dat alle
koppelingen en slangen goed aangesloten zijn,
en dat de olie vrij van (P naar P) en van (T naar
T) kan stromen. Onjuist aangesloten
koppelingen kunnen gesloten blijven. Hierdoor
kan de olie in de retourzijde (T of R) van de
momentsleutel onder druk komen via de
toevoerzijde (P of V). De veiligheidsklep aan de
retourzijde van de momentsleutel gaat open en
zal olie af laten vloeien om overdruk te
voorkomen. De klep is in de fabriek ingesteld
op 225 - 300 bar (3260 - 4350 psi).
5.3 Ontluchten van het systeem
Tijdens de eerste bediening is het hydraulisch
systeem gevuld met lucht. Verwijder de lucht
door de slangen uit de THC-700-serie met
elkaar te verbinden en de pomp te bedienen
met de afstandsbediening. Als de
momentsleutel aangesloten is, kunt u de lucht
ook verwijderen door de momentsleutel enkele
slagen te laten maken.
10
A2
A1
read.eps
10
94
10